Afgelopen zondag 7 juni zat ik aan tafel met vijftig vrouwen. Inclusief mijzelf.
Negenenveertig vrouwen die op verschillende momenten in mijn leven iets hebben betekend. Familie, vriendinnen, collega’s, studiegenoten en vrouwen die soms maar even op mijn pad kwamen, maar toch iets achterlieten waar ik verder mee kon. Wat voelde ik mij bevoorrecht dat zij er bijna allemaal waren.
Terwijl ik mijn woorden met deze vrouwen deelde, moest ik denken aan mijn veertigste verjaardag. Mijn kinderen, Durk en Hanna, hadden een stoel in de tuin gezet. Een prachtige Twentse traditie. Alleen die stoel stond nog geen tien minuten buiten. Ik haalde hem direct weer weg.
Waarom? Destijds wist ik het antwoord niet. Nu, bijna tien jaar later, mag ik dit jaar vijftig worden. Sterker nog, ik zit halverwege mijn vijftigste levensjaar.
In die tien jaren ben ik niet alleen ouder geworden. Ik ben vooral meer vrouw geworden.
Een vrouw die zichzelf met regelmaat aankijkt. Een vrouw die heeft ontdekt dat groeien niet altijd prettig is. Dat ontwikkeling soms flink schuurt, confronteert en pijn doet. Maar tegelijkertijd ook bevrijdt.
Misschien is wel het belangrijkste wat ik heb geleerd. Dat ik minder ben gaan luisteren naar alle verhalen in mijn hoofd. Minder ben gaan geloven dat ik overal een antwoord op moet hebben. Minder ben gaan denken dat ik mij voortdurend moet bewijzen. In alle rollen die het leven van mij vraagt. Als moeder van Durk en Hanna. Als partner van Harald. Als ondernemer en werkgever. Als dochter, vriendin en collega. Rollen die ik met liefde vervul, maar die soms ook kunnen verhullen wie ik zelf werkelijk ben. Daardoor ontstond ruimte. Ruimte om zichtbaar te zijn. Ruimte om fouten te maken. Ruimte om gewoon mezelf te zijn.
Tijdens mijn opleiding psychodynamica kwam de metafoor van de ijsberg regelmatig voorbij. Tien procent is zichtbaar boven water. Negentig procent bevindt zich daaronder. Juist in die onderstroom liggen onze overtuigingen, patronen, pijnstukken en verlangens verborgen. Door steeds opnieuw nieuwsgierig te zijn naar die onderstroom, ben ik mezelf beter gaan begrijpen. Niet om mezelf te veranderen maar om dichter bij mezelf te komen.
Het leven is voor mij een cyclus waarin steeds opnieuw zich iets ontvouwt en in beweging is. Waarin ik zelf altijd een keuze heb. Met deze gedachte – en deze verschuiving, dacht ik: Dit wil ik vieren! Met vrouwen. De vrouwelijke energie mag ik steeds meer omarmen. Dat dit samenvalt met mijn vijftigste levensfase voelt voor mij niet als toeval. Tegelijkertijd was ik dankbaar voor mijn dierbare mannen die deze middag mogelijk maakten en mij met liefde de ruimte gaven om dit moment te vieren. In deze vrouwen zie ik stukjes van mijn eigen verhaal terug. Zij hebben mij mede gevormd. Vrouwen met wie ik heb samengewerkt. Vrouwen die familie werden. Vrouwen van mijn studie. Vrouwen die dierbare vriendinnen zijn geworden. Vrouwen die op mijn pad kwamen zonder zich misschien ooit te realiseren hoe waardevol dat was. En niet te vergeten mijn oervrouwen in mijn leven. In het bijzonder mijn biologische moeder Geertruida, die mij bijna vijftig jaar geleden het leven schonk. Zij was in mijn gedachte aanwezig. Alleen die gedachte raakt mij nog steeds diep. En mijn lieve zus Margrit en nicht Elizabeth. Jarenlang wist ik niet dat zij bestonden. Dat wij elkaar later in het leven mochten vinden, voelt nog altijd als een bijzonder geschenk.
Als ik terugkijk op de afgelopen jaren voel ik vooral dankbaarheid. Voor alles wat ik onderweg heb mogen leren. En voor de vrouw die ik steeds meer durf te zijn.
Koester je vuurtje.
In het weekend van winter- naar zomertijd (27 tot 29 maart) stap je uit de kloktijd. Én stap je in de tijd van het nu… Je eigen tijd!
Geen horloges, geen klokken en geen mobiel. Je volgt je eigen ritme.
Donderdag 8 januari staan wij weer voor je klaar!
Fijne dagen en tot snel in de Herberg.
Hartelijke groet,
Harald & Esther Droste
en Team Droste’s Twente